Verzorgen van een nestje

Wanneer één van je vrouwtjes ontsnapt is geweest en in de buurt van mannetjes heeft kunnen komen of wanneer je een vrouwtje in een dierenwinkel of tuincentra hebt gekocht, kun je er rekening mee houden dat ze zwanger zou kunnen zijn. Mogelijke aanwijzingen zijn gewichtstoename (hoewel dit bij een jong vrouwtje niet altijd iets zegt omdat ze volop in de groei is), gedragsveranderingen, nesteldrang en - meestal pas merkbaar in de laatste dagen voor de bevalling - een duidelijk dikker wordend buikje.

Voorbereiding en geboorte
Bestaat de kans dat je vrouwtje zwanger is, dan kan het afhankelijk van haar conditie verstandig zijn haar bij te voeren. Zeker met een erg licht vrouwtje is dit een goed idee. De zwangerschap en zoogperiode zullen veel energie van haar vergen. Reserves opbouwen is daarom belangrijk. Bijvoeren kan bijvoorbeeld met een papje van katten- of sojamelk en meergranenpap voor baby's, dit aangevuld met wat katten- of hondenvoer uit blik. Gebruik geen gewone koemelk in verband met het te hoge gehalte lactose. Een vrouwtje in goede conditie kun je naast het normale dieet van rattenvoer extra dierlijke eiwitten aanbieden in de vorm van katten- of hondenbrokken. Voer echter niet overmatig bij. Het is minstens zo belangrijk dat ze genoeg gewoon voer blijft eten. Dus geef bijvoeding als aanvulling op het normale dieet van rattenvoer en naast wat groente en fruit.

zwanger vrouwtjeDe draagtijd van ratten is ca. 21 tot 23 dagen. Pas in de laatste week voor de bevalling zal ze over het algemeen duidelijk zichtbaar zwanger worden. Dit is het duidelijkst te zien als je van bovenaf het ratje bekijkt: de buik steekt dan duidelijk uit naar de zijkanten, meer uitgesproken dan wanneer een ratje gewoon wat dikker wordt.

Je kunt het moedertje gewoon in de groep haar rittens laten krijgen, maar hier zitten nadelen aan. Bij een gewone kooi met tralies bestaat het risico dat de rittens door de tralies kunnen vallen, bovendien kan het bij een etagekooi gebeuren dat het moedertje haar nest maakt op een verdieping en er rittens naar beneden vallen. Ook kan de drukte van de groep en de belangstelling van de andere ratten teveel stress geven. Ook is er een kans dat een ander vrouwtje de rittens opeist - zodat de moeder hen niet meer kan voeden - of zelfs doodt.

Veel mensen geven er daarom de voorkeur aan hun rat te laten bevallen in een Dunabak of een lage traliekooi zoals de Ferplast Mary. Eventueel kan je één van haar vriendinnen er ter gezelschap bij zetten. Zet het moedertje liefst een paar dagen voor de bevalling in dit verblijf zodat ze de gelegenheid heeft hieraan te wennen en een nest te maken. Merk je pas dat het moedertje zwanger was doordat je een kluwen roze piepende frummels in de kooi vindt, dan kun je voorzichtig het hele nest, inclusief het nestmateriaal eromheen, oververhuizen naar een dunabak of een lage kooi.

Repen krantenpapier en tissues zijn uitermate geschikt nestmateriaal. Hoewel sommige vrouwtjes nauwelijks een echt nest maken, zullen ze vaak van het nestmateriaal en de normale bodembedekking een enorme berg bouwen waaronder ze hun rittens verstoppen. Een soort huisje als nestgelegenheid is prima, het is alleen wel handig om een huisje te gebruiken waar het dak vanaf te halen is. Zo kun je zelf beter bij het nest komen. Met het verschonen van de behuizing wacht je tot de rittens minstens 1 week oud zijn, wel kun je eventueel vies (bebloed) nestmateriaal verwijderen. 

Tijdens de zwangerschap kan het vrouwtje kattiger worden tegen mens en mederat, vooral vlak voor de bevalling. Wanneer het tijdstip van de bevalling echt nadert - en dit kan echt vlak van tevoren zijn - zal ze haar nest gaan bouwen. Probeer haar nu zoveel mogelijk met rust te laten. Voorzichtig kijken kan best, maar let goed op hoe ze reageert. Verstopt ze zich helemaal onder een berg nestmateriaal, laat haar dan met rust.

Het is verstandig om ruim voor de geboorte van de rittens te kijken welke goede dierenarts bereikbaar is voor het geval zich problemen voordoen. Meer informatie over wat mis kan gaan bij een bevalling is te vinden op de site van de IRF, onder het kopje 'Bibliotheek'.

Mocht je overigens om de een of andere reden een zwanger vrouwtje samen hebben zitten met een mannetje, zorg dan in ieder geval dat het mannetje voor de geboorte bij het vrouwtje weg is! Ze kan namelijk binnen 24 uur na de bevalling alweer gedekt worden en dat komt natuurlijk de gezondheid van het vrouwtje niet ten goede.

De bevalling
pas bevallenpas bevallen
Als je het geluk hebt om de bevalling te zien, schrik dan niet als je denkt dat het vrouwtje haar jongen opeet. Het kan daar erg op lijken als moeder de navelstreng doorbijt en de nageboorte opeet, dit is dus normaal. Als er dode of misvormde rittens bijzitten, kan het wèl zijn dat het vrouwtje deze opeet. Ook hierbij hoef je niet in te grijpen, hoewel het natuurlijk geen prettig gezicht is. Een normaal, gezond en niet gestressed moedertje zal haar gezonde rittens niets doen. Als de aanstaande moeder een flink nest heeft gebouwd heeft, zul je dus niets zien van de bevalling. Wanneer de rittens geboren zijn, zal dat echter zeker niet aan je aandacht ontgaan. Ze piepen namelijk behoorlijk hard! Probeer je nieuwsgierigheid toch nog even te bedwingen en laat de familie de eerste dag liefst nog even met rust.

Ontwikkeling van de rittens
De volgende dag kun je gaan kijken hoe het ermee staat. Pas op voor je vingers, want rattenmoedertjes - hoe lief ze voor die tijd ook waren - kunnen hun kinders soms fel verdedigen. Wacht liefst tot ze zelf van haar nest gaat om bijvoorbeeld wat te eten of lok haar met wat lekkers bij de rittens vandaan. Het kan verstandig zijn om haar even uit het hok te halen, zet haar bijvoorbeeld elke dag even een tijdje bij haar vriendinnen. Dit zorgt dat zij niet van elkaar vervreemden en geeft jou de gelegenheid je rustig met het nest bezig te houden.
1 dag oud, melkbuikjes2 dagen oud

4 dagen oudIs moeder even weg, kijk dan even hoe het met de rittens gesteld is. Je kunt ze gerust - voorzichtig! - even in handen nemen. Een normaal rattenmoedertje zal haar jongen daarom niet in de steek laten of iets aandoen. Hoe sneller je begint met het in handen nemen van het grut, hoe beter gesocialiseerd ze zullen worden en hoe tammer ze later als volwassen rat zullen zijn. Je kunt de jongen tellen, kijken of ze allemaal gedronken hebben - te zien aan een gele/witte vlek op de buik -, of er geen misvormde rittens bij zitten die je beter in kunt laten slapen en misschien zelfs al zien hoeveel mannetjes en vrouwtjes er zijn. Dit laatste is te zien aan de afstand tussen anus en geslachtsopening. Bij mannetjes is deze afstand iets groter. Probeer niet te lang bezig te zijn, het is belangrijk dat ze niet te veel afkoelen. Op deze leeftijd zijn ze nog roze, naakt, kleuren en tekening zijn nog niet zichtbaar en oogjes en oortjes zitten nog dicht.

 

 Pagina 1 van 2  Volgende